Maximale incassokosten
Sedert 2012 is middels een nieuwe wettelijke regeling een maximum gesteld aan de tarieven die middels buitengerechtelijke incassokosten gerekend mogen worden. De maximumbedragen liggen voortaan tussen de 40 euro en de 6775 euro. De wettelijke regeling draagt de titel “Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten”.

Het zijn voornamelijk de consumenten die een vervallen schuld van beperkte omvang hebben die middels deze regeling worden beschermd. Op vorderingen tot 2500 euro mag nu immers maar 15% als vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten gerekend worden (met een minimum van 40 euro).

Artikel 2

1. De vergoeding voor kosten als bedoeld in artikel 96 lid 2, onder c van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek, bedraagt:
15% van het bedrag van de hoofdsom van de vordering over de eerste € 2500 van de vordering;
10% van het bedrag van de hoofdsom van de vordering over de volgende € 2500 van de vordering;
5% van het bedrag van de hoofdsom van de vordering over de volgende € 5000 van de vordering;
1% van het bedrag van de hoofdsom van de vordering over de volgende € 190.000 van de vordering;
0,5% over het meerdere van de hoofdsom met een maximum van € 6775.

2. De in het eerste lid bedoelde vergoeding bedraagt ten minste € 40.

3. De vergoeding wordt verhoogd met een percentage dat overeenkomt met het percentage, bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Wet op de omzetbelasting 1968, indien de schuldeiser voor de verkrijging van voldoening buiten rechte gebruik maakt van een dienst als bedoeld in de Wet op de omzetbelasting 1968 ter zake waarvan op grond van die wet omzetbelasting is verschuldigd en de schuldeiser de hem in rekening gebrachte omzetbelasting niet op grond van genoemde wet kan verrekenen en zulks nadrukkelijk verklaart en verklaart dat de kosten in verband daarmee zijn verhoogd.